De regeltypes in matrices
Een matrix van drie bij drie volgt één of meer regels per eigenschap: vorm, aantal, grootte, vulling, draaiing, positie of lijntype. Wie de zes regeltypes kent, hoeft niet meer te raden welk figuur ontbreekt: hij leest de regels af en bouwt het figuur op.
Laatst bijgewerkt:
De zes regeltypes
- Constant in de rij: een eigenschap blijft in elke rij gelijk en verandert alleen tussen de rijen.
- Verloop: een eigenschap neemt van links naar rechts met een vaste stap toe of af, bijvoorbeeld het aantal elementen of de draaiing.
- Optellen: het derde figuur van een rij bevat alles wat in het eerste en het tweede staat.
- Aftrekken: het derde figuur is het eerste zonder wat ook in het tweede staat.
- Verdeling van drie: elke rij bevat elk van drie waarden precies één keer, in wisselende volgorde.
- Verdeling van twee: twee waarden wisselen af zodat elke rij en elke kolom er twee van de ene en één van de andere heeft.
Constant in de rij
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Binnen een rij blijft de lijnsoort gelijk; elke rij heeft zijn eigen waarde (gevuld, gestreepte lijn, gestippeld).
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Verloop
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Van links naar rechts draait de figuur elke kolom een kwartslag tegen de klok in.
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Verdeling van drie, op twee eigenschappen
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de vorm precies één keer (kruis, vierkant, ster).
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de plaats in het vakje precies één keer (rechtsonder, onderaan, rechts).
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Optellen, gecombineerd met een constante
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
De derde kolom is de eerste en de tweede kolom samen: de kleine tekens van beide vakjes worden bij elkaar gelegd.
Binnen een rij blijft de lijnsoort gelijk; elke rij heeft zijn eigen waarde (gestippeld, gevuld, gestreepte lijn).
De vorm is overal dezelfde en speelt geen rol.
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Aftrekken, in een matrix met drie regels
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
De derde kolom is de eerste kolom min de tweede: de tekens uit het tweede vakje worden uit het eerste weggenomen.
Van links naar rechts verandert de grootte elke kolom met dezelfde stap.
Binnen een rij blijft de draaiing gelijk; elke rij heeft zijn eigen waarde (180, 0, 270).
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Verdeling van twee, met een storende eigenschap
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Het teken cirkel staat in elke rij en elke kolom in precies twee van de drie vakjes.
Van links naar rechts verandert de plaats in het vakje elke kolom met dezelfde stap.
Binnen een rij blijft de vulling gelijk; elke rij heeft zijn eigen waarde (leeg, gestippeld, gestreept).
Van links naar rechts draait de figuur elke kolom een kwartslag met de klok mee.
De grootte verandert zonder regel; laat dat kenmerk buiten beschouwing.
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Meerdere regels tegelijk
Vanaf het middenniveau combineert een matrix twee tot vier regels, elk op een andere eigenschap. Je werkt ze één voor één af en noteert per eigenschap wat het ontbrekende figuur moet hebben. De foute opties schenden telkens precies één van die regels; de uitleg noemt bij elke optie welke.
Veelgestelde vragen
- Op welke eigenschap begin ik?
- Op de eigenschap die het duidelijkst verandert, meestal de vorm of het aantal. Die levert de eerste regel. Daarna ga je de overige eigenschappen na in een vaste volgorde, zodat je er geen overslaat.
- Wat is een storende eigenschap?
- Een eigenschap die van cel tot cel verandert zonder enige regel. Ze komt alleen voor in de moeilijkste matrices en dient om je aandacht af te leiden. Zodra je ziet dat er geen orde in zit, laat je ze links liggen.
- Hoe controleer ik mijn antwoord?
- Zet het gekozen figuur in de lege cel en lees de derde rij en de derde kolom nog eens na, eigenschap per eigenschap. Klopt één eigenschap niet, dan heb je waarschijnlijk een spiegelbeeld of een gedraaide versie van het juiste figuur gekozen.
Zelf oefenen
Deze uitleg bevat geen oefenvragen. Sets van tien vragen per vraagtype, met dezelfde uitleg bij elk antwoord, vind je in het oefengedeelte.
Treinbestuurderselectie is een onafhankelijk oefenplatform en is niet verbonden met, erkend door of geaffilieerd met de Belgische spoorwegen of Selor. Alle oefeningen zijn zelf ontwikkeld en bootsen enkel het formaat van de selectieproeven na. Echte examenvragen reproduceren we nergens. Oefenen op Treinbestuurderselectie geeft geen garantie op slagen.