Een matrix lezen in drie passen
De meeste fouten in matrices komen niet van een regel die te moeilijk is, maar van een regel die over het hoofd werd gezien. Drie vaste passen voorkomen dat: eerst de rijen, dan de kolommen, dan de eigenschappen die nog niet verklaard zijn.
Laatst bijgewerkt:
De drie passen
- Rijen: vergelijk de drie figuren van de bovenste rij en zeg in één zin wat er van links naar rechts gebeurt. Controleer of dezelfde zin voor de tweede rij geldt.
- Kolommen: doe hetzelfde van boven naar onder. Een verdeling van drie zie je vaak pas in de kolommen; een verloop vaak alleen in de rijen.
- Eigenschappen: loop de lijst af, vorm, aantal, grootte, vulling, draaiing, positie, lijntype, en vink aan welke al verklaard zijn. Wat overblijft is ofwel constant, ofwel storing.
Pas 1 volstaat: twee regels in de rijen
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de vulling precies één keer (gestreept, leeg, gevuld).
Binnen een rij blijft de vorm gelijk; elke rij heeft zijn eigen waarde (kruis, ruit, vijfhoek).
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Pas 2 nodig: een verdeling die je in de kolommen ziet
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de lijnsoort precies één keer (gestreepte lijn, gevuld, gestippeld).
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de grootte precies één keer (2, 1, 3).
De vulling is overal dezelfde en speelt geen rol.
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Pas 3 nodig: drie regels op drie eigenschappen
Lees de matrix in drie rondes: eerst per rij, dan per kolom, dan per kenmerk.
De derde kolom is de eerste en de tweede kolom samen: de kleine tekens van beide vakjes worden bij elkaar gelegd.
Elke rij en elke kolom bevat de drie waarden van de vulling precies één keer (gevuld, leeg, gestippeld).
Van links naar rechts draait de figuur elke kolom een kwartslag tegen de klok in.
Het ontbrekende vakje is het enige dat aan al deze regels tegelijk voldoet.
Bouw het antwoord op, kies het niet
Na de drie passen weet je per eigenschap wat de lege cel moet bevatten. Beschrijf dat figuur in woorden voor je naar de opties kijkt. Daarna zoek je de optie die aan de hele beschrijving voldoet. Wie eerst naar de opties kijkt, laat de opties de regels bepalen, en dat is precies wat de foute opties uitlokken.
Veelgestelde vragen
- Hoeveel tijd mag een matrix kosten?
- Reken op een halve minuut voor een eenvoudige matrix en ruim een minuut voor een matrix met drie of vier regels. De drie passen kosten in het begin meer tijd, maar worden snel een automatisme.
- Wat als rijen en kolommen elkaar tegenspreken?
- Dan heb je een regel te breed geformuleerd. Een verloop geldt bijvoorbeeld alleen in de rijen; in de kolommen zie je dan een verdeling. Beide zijn juist, ze beschrijven een andere richting. Noteer per regel in welke richting ze geldt.
- Zijn er matrices van twee bij twee?
- In de oefensets niet: alle matrices zijn drie bij drie, met het ontbrekende figuur rechts onderaan. Zo kun je elke regel op twee volledige rijen en twee volledige kolommen controleren voor je ze toepast.
Zelf oefenen
Deze uitleg bevat geen oefenvragen. Sets van tien vragen per vraagtype, met dezelfde uitleg bij elk antwoord, vind je in het oefengedeelte.
Treinbestuurderselectie is een onafhankelijk oefenplatform en is niet verbonden met, erkend door of geaffilieerd met de Belgische spoorwegen of Selor. Alle oefeningen zijn zelf ontwikkeld en bootsen enkel het formaat van de selectieproeven na. Echte examenvragen reproduceren we nergens. Oefenen op Treinbestuurderselectie geeft geen garantie op slagen.